Op jacht naar grassies

0

graskarpers kunnen formidabele afmetingen bereiken!

Naast het vissen op allerhande roofvissen vis ik ook al jaren op karper en graskarper. Vooral de graskarper is een vis die in en om Deventer bijzonder goed te belagen is aangezien ze op heel veel wateren in voldoende mate voorkomen om er gericht op te kunnen vissen.

De vissen zijn in de jaren 80 veelal uitgezet om de uitbundige groei van waterplanten in de watergangen en sloten in en om Deventer enigszins in bedwang te houden en zijn inmiddels vrijwel overal uitgegroeid tot vissen van formaat. Vissen van boven de meter en meer dan 30 pond zijn absoluut geen uitzondering en als je ze met het juist materiaal bevist is het ook nog eens een prachtige sportvis.

In dit artikel probeer ik wat tips en trucs mee te geven om de vissen te vangen met oppervlakte aas, in mijn ogen de meest spannende manier om de ‘grassies’ te verschalken.

Materiaal

Een uitrusting om succesvol op graskarper te vissen is vrij eenvoudig, een 2lbs karperhengel van 3 meter 60 volstaat ruim om vrijwel onder alle omstandigheden de vis te landen. Monteer hierop een goede spinmolen met ca 30/100 nylon en steek wat karperhaken maatje 4, met bij voorkeur een brede haakbocht, bij je en in principe ben je al klaar om aan de slag te gaan. Uiteraard nemen we ook een schepnet én een onthaakmat mee zodat we de vis goed en veilig kunnen landen en ook weer onbeschadigd terug kunnen zetten. Een polaroid bril die ons in staat stelt om goed door een spiegelend wateroppervlak heen te kijken completeert het geheel.

Aas

Als oppervlakte aas is de meest voor de hand liggende keuze een pluim witbrood. Broodkorsten kunnen natuurlijk ook, maar die werken toch aanzienlijk minder goed . Dit omdat graskarpers een vrij harde bek hebben en de toch relatief harde broodkorst een goede inhaking nog wel eens in de weg wil staan.

Een pluim maak je bij voorkeur door een heel wit ongesneden te kopen, hier haal je het kapje vanaf en vervolgens trek je er met je hand een flink stuk uit, ongeveer ter grootte van een mandarijn.  Door nu de ene kant van dit stuk brood stevig om je haak te kneden en het ander gedeelte wat luchtig te laten heb je een aasje wat bijzonder in trek is bij de ‘grassies’ en toch nog goed en relatief ver te werpen is zonder dat het van je haak vliegt.

Een alternatief voor brood is eventueel een bos vers geplukt gras die je dubbelvouwt en met een enkele spriet om je haak vastbind. Er zijn absoluut dagen dat ze niets anders willen. Uiteraard zul je als je gras als aas gebruikt een controller moeten gebruiken om nog een beetje te kunnen gooien.

De aanpak

Het oppervlaktevissen op ‘grassies’ is een uiterst spannende en visuele bezigheid en dat begint al bij het zoeken naar de vissen zelf. Zoek een water uit waarvan je weet dat ze er zitten en neem wat afstand van de oever waarbij je uiteraard nog wel het water kunt zien. Probeer altijd met de zon in de rug of vanaf de zijkant te lopen zodat je niet gehinderd wordt door schitteringen op het water en je goed eventuele silhouetten van vissen kunt zien.

Wanneer je eenmaal vissen hebt waargenomen loont het vrijwel nooit om je aas direct bovenop de vis te werpen omdat je zo de vis altijd verschrikt. Alleen uitdeinende kringen en een stofwolk zullen je nog herinneren aan de vis of vissen die je net nog zag.

Veel beter werkt het om om de vis heen te lopen en je aas in de baan van de zwemmende vis te deponeren. Probeer ook, daar waar mogelijk, om je aas net over een wierrand of plantenbed te presenteren omdat je lijn zo veel minder zichtbaar is voor de vis.

Nu zijn ‘grassies’ natuurlijk niet gek en daarom kan het vaak voorkomen dat ze in eerste instantie je aas compleet negeren. Een oplossing kan dan zijn om eerst wat stukken brood te voeren om dan later terug te komen. Vaak zie je dan dat de argwaan iets is weggenomen en ze nu wel geneigd zijn om je van een haak voorziene aas te pakken.

Is je broodpluim naar binnen gezogen dan wacht je nog heel even totdat je wat lijn ziet wegkringelen waarna je gedecideerd strak draait en de haak zet. Hard aanslaan is niet nodig.

De dril

We hebben het voor elkaar, een graskarper heeft ons aas genomen en we zijn ‘in business’ om het zo maar te zeggen. In tegenstelling tot een gewone karper verloopt de dril bij graskarpers veelal wat merkwaardig. Soms lijkt het zelfs wel alsof de vis niet eens in de gaten heeft dat hij gehaakt is.

Naarmate de vis dichterbij komt dien je er rekening mee te houden dat je ze niet te snel moet scheppen. Graskarpers hebben de neiging om onder de hengeltop vaak nog een stevig robbertje te willen knokken dus het is absoluut zaak om daar alert op te zijn. Vaak is het zien van een landingsnet of het silhouet van de visser al genoeg om de vis op heel andere gedachten te brengen. Zeker aan het einde van de dril mag de slip dus een tandje losser.

Dril de vis goed uit ! Doe je dit niet, dan ontaard het onthaken of fotograferen van je vangst in een ordinaire worstelpartij waarbij de graskarper gemakkelijk schubben verliest. Dat dit niet wenselijk is moge duidelijk zijn.

Zorg goed voor de vis:

Graskarpers mogen dan imposante en grote vissen zijn, ze zijn ook bijzonder kwetsbaar. Daar waar je een gewone karper bijvoorbeeld in een bewaarzak onder water kunt stoppen om daar later foto’s van te maken moet je dit bij graskarpers absoluut nooit doen! Graskarpers zijn namelijk bijzonder stressgevoelige beesten. Maak daarom meteen een mooie foto van je vangst en zet de vis daarna met een beetje ondersteuning weer terug.

graskarper2 Op jacht naar grassies

Waarschijnlijk krijg je als dank een plens water over je heen als de vis denkt dat het mooi geweest is en er vandoor gaat. Succes!

Gerelateerde artikelen:

  • Er zijn geen gerelateerde artikelen gevonden

Reageren is niet meer mogelijk